Veelgestelde vragen
- Welk bloedbestanddeel geef ik aan welke patiënt?
- Wat zijn de bewaarcondities van de bloedproducten?
- Binnen welke tijd moet ik ontdooid plasma toedienen?
- Hoe lang mogen bloedplaatjes niet geschud blijven?
- Wanneer kan ik een bloedgroepkaart ontvangen, ook voor een kind?
- Wat is het verschil tussen bloedplaatjes bereid uit een “pool” of via cytaferese?
- Tot wanneer mag ik een erytrocytenconcentraat toedienen?
- Mag ik AB-plasma aan iedereen toedienen?
- Binnen hoeveel tijd moet ik een erytrocytenconcentraat toedienen?
- Hoeveel erytrocytenconcentraten zijn er per toedieningstrousse?
- Mag ik aangeprikt erytrocytenconcentraat in een trousse bewaren in de ijskast om later toe te dienen?
- Hoe lang mag een unit erytrocytenconcentraat op kamertemperatuur blijven alvorens hem aan te hangen?
- Wanneer moet ik een bloedverwarmer gebruiken?
- Mogen er geneesmiddelen samen met erytrocytenconcentraat toegediend worden?
- Welk staal moet ik opsturen voor een bloedgroepbepaling en in welke hoeveelheid?
- Welk staal moet ik opsturen voor een kruisproef en in welke hoeveelheid?
- Welk staal moet ik opsturen voor de opsporing van onregelmatige antistoffen en in welke hoeveelheid?
- Hoe lang blijft een kruisproef geldig?
- Wijst spontane agglutinatie van de rode bloedcellen op warme of koude antistoffen?
- Welk bloed selecteren bij een patiënt met allo- en/of auto-antistoffen?
- Hoe oud mag een staal zijn om bijkomende testen aan te vragen?
- Rode bloedcellen helpen patiënten met bloedarmoede (anemie). Deze bloedarmoede kan accuut zijn (vb. tgv bloeding) of chronisch (bij bepaalde bloedziekten : vb. ferriprieve anemie tgv Fe tekort .
- Plasma wordt gebruikt bij problemen met de bloedstolling. Het plasma kan daarenboven verder verwerkt worden tot geneesmiddelen : stollingsfactoren voor patiënten met stollingsziekten (vb. hemofilie) of tot eiwitten (oa albumine) waarbij het wordt toegediend aan mensen met zware brandwonden.
- Bloedplaatjes worden toegediend bij ziekten met een tekort aan bloedplaatjes : trombopenie (vb. igv leukemie) of bij een bloedplaatjesfunctiestoornis : trombocytopathie
- 1 jaar bij een temperatuur onder -30°C
- 6 maanden bij temperatuur tussen -30°C en -25°C
- 3 maanden bij temperatuur tussen -25°C en -18°C
- klinisch belangrijke antistoffen: de selectie van het bloed is steeds antigeennegatief voor de corresponderende antistof
- klinisch minder belangrijke antistoffen: het bloed hoeft niet negatief te zijn voor het betreffende antigeen, maar er moet wel een gunstig kruisproef zijn.
- onderliggende allo-antistoffen uitgesloten: ABO en resus compatibele ECL
- onderliggende allo-antistoffen aangetoond: ABO en resus compatibele ECL en selecteer antigeen negatief voor de corresponderende antistof.
- bloedgroepbepaling en andere antigenen: 7 dagen
- opsporen antistoffen en kruisproeven: 72 uur
1. Welk bloedbestanddeel geef ik aan welke patiënt?
Bloed bestaat uit bloedcellen (witte-rode , bloedplaatjes) en plasma. Om patiënten optimaal te helpen krijgen ze enkel het bloedbestanddeel (component) toegediend dat ze nodig hebben.
2. Wat zijn de bewaarcondities van de bloedproducten?
Erytrocytenconcentraat (ECL): 42 dagen tussen 2°C en 6°C
Plasma (VPIM):
Bloedplaatjesconcentraat: 5 dagen, schuddend en op kamertemperatuur (20-24°C)
3. Binnen welke tijd moet ik ontdooid plasma toedienen?
Na ontdooien moet het plasma onmiddellijk (maximaal binnen de twee uur) worden verbruikt.
4. Hoe lang mogen bloedplaatjes niet geschud blijven?
Bij aankomst in het ziekenhuis dient het schudden zo snel mogelijk hervat te worden. Indien het niet schuddend bewaard wordt; moet dit zo snel mogelijk toegediend worden. Het ongeschud blijven van de bloedplaatjes mag bij uitzondering maximum 24 h bedragen.
5. Wanneer kan ik een bloedgroepkaart ontvangen, ook voor een kind?
Indien er twee onafhankelijke bloedgroepbepalingen zijn uitgevoerd. Dwz op twee stalen die onafhankelijk van elkaar werden afgenomen. Bloedgroepkaartjes worden enkel afgeleverd boven de leeftijd van 6 maanden (vanaf dat de tegenproef kan uitgevoerd worden).
6. Wat is het verschil tussen bloedplaatjes bereid uit een “pool” of via cytaferese?
Bloedplaatjes bereid uit een “Pool”: er worden 5 of 6 buffycoats van respectievelijk 5 of 6 donoren samengevoegd (gepoold) om een bloedplaatjesconcentraat te bekomen.
Dit is het standaard bloedplaatjesconcentraat.
Bloedplaatjes afgenomen via Cytaferese: er wordt bij één donor machinaal een bloedplaatjesconcentraat afgenomen. Dit is het één donor bloedplaatjesconcentraat (single donor).
Er is geen onderscheid tussen beide producten naar transfusie en toediening toe.
Indien er HLA antistoffen aanwezig zijn is één donor bloedplaatjesconcentraat geïndiceerd met typering van de HLA antigenen; die de corresponderende HLA antistof niet mogen bevatten (indien deze beschikbaar zijn). Dit moet op voorhand besteld worden.
7. Tot wanneer mag ik een erytrocytenconcentraat toedienen?
Een erytrocytenconcentraat mag niet meer gebruikt worden na de vervaldatum aangegeven op het etiket (dit is tot middernacht op datum etiket).
Bij transfusie moet de compatibiliteit tussen donor en ontvanger verzekerd zijn door de uitvoering van een kruisproef in het lab en het nagaan in het computersysteem van de compatibiliteit tussen de bloedgroep van donor en patiënt (elektronische kruisproef). Als de geldigheid van de kruisproef (72 uur) verstreken is mag het bloed niet meer toegediend worden; tenzij een nieuwe kruisproef op een nieuw afgenomen staal wordt uitgevoerd.
8. Mag ik AB-plasma aan iedereen toedienen?
Ja, AB plasma is de universele donor voor plasma. Maar voor een correct stockbeheer wordt er zoveel mogelijk ABO isocompatibel gegeven.
9. Binnen hoeveel tijd moet ik een erytrocytenconcentraat toedienen?
De gemiddelde transfusieduur van een erytrocytenconcentraat bedraagt 1 tot 2 uur. Er wordt aangeraden de duur voor transfusie van één eenheid te beperken tot een maximum van 4 uur.
10. Hoeveel erytrocytenconcentraten zijn er per toedieningstrousse?
Toediensets en filters moeten tijdig worden vervangen bij transfusie van meerdere eenheden erytrocytenconcentraat. Eén toedieningstrousse kan gebruikt worden voor de toediening van twee eenheden maar dit mag maximaal over 6 uur verlopen.
11. Mag ik aangeprikt erytrocytenconcentraat in een trousse bewaren in de ijskast om later toe te dienen?
Neen; omwille van risico op bacteriële contaminatie aangezien het dan een open systeem betreft.
12. Hoe lang mag een unit erytrocytenconcentraat op kamertemperatuur blijven alvorens hem aan te hangen?
Het opwarmen van het erytrocytenconcentraat bij kamertemperatuur voor toediening is niet nodig. (Het bloed wordt best zo snel mogelijk toegediend en bij voorkeur binnen twee uur nadat de bloedeenheid uit de koelkast werd gehaald.)
13. Wanneer moet ik een bloedverwarmer gebruiken?
Bij patiënten met klinisch belangrijke koude agglutininen die nog actief zijn bij kamertemperatuur /37°C.
14. Mogen er geneesmiddelen samen met erytrocytenconcentraat toegediend worden?
Het erytrocytenconcentraat mag niet gemengd worden met geneesmiddelen of infusie-vloeistoffen, met uitzondering van fysiologische zoutoplossingen (NaCl 0,9%).
15. Welk staal moet ik opsturen voor een bloedgroepbepaling en in welke hoeveelheid?
Eén EDTA maximum 7 dagen oud.
16. Welk staal moet ik opsturen voor een kruisproef en in welke hoeveelheid?
Eén EDTA maximum 72 uur oud.
17. Welk staal moet ik opsturen voor de opsporing van onregelmatige antistoffen en in welke hoeveelheid?
Eén EDTA maximum 72 uur oud.
18. Hoe lang blijft een kruisproef geldig?
72 uur gerekend vanaf het moment dat het staal werd afgenomen.
19. Wijst spontane agglutinatie van de rode bloedcellen op warme of koude antistoffen?
Bij spontane agglutinatie van de RBC kan dit eventueel wijzen op aanwezigheid van koude agglutininen; hiervoor zijn aanvullende testen vereist.
20. Welk bloed selecteren bij een patiënt met allo- en/of auto-antistoffen?
Allo-antistoffen:
Auto-antistoffen:
a) Moleculaire antigeenbepaling is niet gekend en dmv adsorptie werden
b) Moleculaire antigeenbepaling is gekend: fenocompatibele ECL selecteren
21. Hoe oud mag een staal zijn om bijkomende testen aan te vragen?
Dit is afhankelijk van de test:
Bezorg steeds nieuw staal en nieuwe aanvraag.